Index2

Awards

Links

deel 1

deel 2

deel 3

deel 4

deel 5

deel 6

deel 7

deel 8

deel 9

deel 10

deel 11

deel 12

deel 13

deel 14

deel 15

deel 16

deel 17

deel18

deel 19

deel 20

deel21

deel22

deel23

deel24

deel25

deel26

deel27

deel28

deel29

deel30

deel31

deel32

deel33

deel34

deel35

deel36

deel37

 

 

 

 

 

                                                                                                                                                                                                                                                                  kattenma@2008

 

   

 

                                                  Hoofdstuk  30   verteld door sharky

 

 

Heerlijk die zomer, ik lig hier heerlijk in het zonnetje nu het nog kan want de zomer is bijna afgelopen.

Wegdromend herinnerde ik me wat beelden van vroeger, nog voor het asiel.

Dat waren geen prettige tijden voor mij.

Ik had al verteld dat ik ooit een zwerfkat was maar heb nooit verteld waarom.

Ooit heb ik bij mensen gewoond met een hele grote tuin.

De buren hadden drie katten, huffy,fluffy en puffy.

Vraag mij geen uitleg over hun namen, ik vindt die ook belachelijk voor ons ras maar ja.

Op zekere dag, we waren lekker aan het ravotten met zijn vieren in de tuin werd er een klein mensje in de tuin gezet.

In ONZE tuin werd een kleine mens neergezet die nauwelijks kon lopen, dat kroop alleen maar.

Dat moesten we alle vier even onderzoeken, mischien was dat wel een speelkameraad voor ons.

Aangezien ik, sharky, de brutaalste was rende ik naar dat mensje toe.

Helaas vergat ik dat het gras nat was dus toen ik wilde afremmen slipte mijn pootjes en kon niet op tijd stoppen.

Met als gevolg dat ik tegen dat mensje opbotste.

Dat mensje viel op het gras en wat er toen gebeurde was eigenlijk te veel voor onze oortjes.

Er kwam een geluid uit dat mensje, abnormaal zo langdurig iemand kan huilen.

Ik schrok me een hoedje en rende terug naar mijn speelvriendjes.......die opeens verdwenen waren.

Ons toenmalig baasje kwam eraan, overzag het hele tafereel en liep dreigend op mij af.

Ja ho even, ik heb niks gedaan, ik slipte en toen.........

Toen werd ik in mijn nekvel gepakt en over de schutting gezwiept om op straat te landen.

Nog hoor ik dat baasje zeggen dat ik daar nooit meer welkom was.

Daar zat ik dan, geen onderdak, geen eten en waarom?

Besluiteloos likte ik mijn pootjes die zeer deden van de harde landing.

Na een tijdje kwamen mijn speelkameraadjes poolshoogte nemen.

Na wat gepraat te hebben nam ik afscheid van ze want mijn maagje begon te knorren.

Ik moest eten zien te krijgen, gelukkig hebben poezen een hele goede neus.

Het duurde niet lang of mijn neus rook een vislucht.

In een vuilcontainer lag een overheerlijk stuk vis die ik smakelijk opat.

Dit leventje heb ik noodgewongen een paar weken moeten volhouden.

Na dagen niet te hebben gegeten werd ik gevonden door een meisje die me naar een asiel bracht.

Affijn daar heb ik dus bijna 9 maanden gezeten tot ik bij dit Baasje mocht wonen.

Daar heb ik nog steeds geen spijt van, ik heb een echt poezenleven hier.