katenman@2008
![]()
Hoofdstuk 32.
De dagen worden korter maar
mijn chill uurtjes blijven hetzelfde.
Op een dag lag ik te bedenken
hoe het zou zijn om met baasje mee te gaan.
Bijvoorbeeld bij het
dialyseren.
“s morgens rond 08.00 wordt
ik in de reismand geladen en gaan we met de taxi op weg.
Binnen een paar minuten zijn
we in utrecht, ik kijk mijn ogen uit, allerlei vreemde geuren en dingen.
Eenmaal binnen gaan we met de
lift (nooit geweten wat dat is) naar de eerste etage.
Daar in een zaal zijn nog
meer mensen die liggen te dialyseren.
Baasje gaat naar zijn eigen
plek en begint het toestel alvast in te stellen,
Hij drukt op allerlei
knopjes, sluit diverse slangen aan en gaat terug om te wegen.
Dat kon ik nog net zien want
ik stond naast zijn stoel in mijn kooi,
Hij stapte op een grote plaat
en mompelde zijn gewicht.
Hij begon weer op knoppen te
drukken van dat toestel.
Dat zag er heel moeilijk uit,
allerlei slangetjes etc, niets voor mij.
Zijn gewicht schreef hij
ergens op haalde een groene band tevoorschijn en deed die om zijn arm.
Eh baasje, blijf ik op de
grond hier of zo?
Nadat Baasje mijn gemiauw had
gehoord kwam iemand
in een witte jas mij uit mijn
kooi halen en zette mij bij Baasje op schoot.
Nou toen begon het, ik lag
dus lekker in zijn armen op schoot kwam een van de verpleegster Baasje ’aansluiten’
Nou mij benieuwen wat dat is,
nu ik het eenmaal weet....bbrrr.
Affijn zij pakte een hele
grote naald, veel groter dan die lady (zie hoofdstuk 29) kreeg en prikte in
zijn arm.
Ik dacht dat Baasje zou
flauwvallen maar hij gaf geen kik.
Of dat nog niet genoeg was
kreeg ie er nog een bij, nog een naald, het kan niet op.
Het scheen hem geen pijn te
doen of deed ie dat voor mij?
Ik lag dat zo te bekijken en
was blij dat wij katten niet hoeven te dialyseren.
Eenmaal aangesloten kwam de
een na de andere zuster mij aaien en bewonderen.
Geweldig vond ik dat, ik
Sharky, het middelpunt van alle belangstelling was.
Zoveel belangstelling krijg
ik niet alle dag.
De drie en half uur waren zo
om.
Toen moest ik mijn kooi in,
baasje werd verlost van alle naalden en daar mocht ik niet bij zijn.
Had te maken met steriel zijn
en infectie en weet ik nog meer.
Natuurlijk wilde ik niet dat
Baasje door mij eventueel ziek zou worden.
Ik sprong dus, nog voordat
iemand mij kon pakken, hup van de stoel af en ging mijn reismand in.
Iedereen stond versteld van
mijn gedrag zeiden ze later tegen Baasje.
Hoezo, ik was gewoon mezelf
hoor.
Baasje zei iedereen gedag,
pakte mijn reismand en daar gingen we.
De taxi stond al klaar en
binnen vijf minuten waren we weer thuis.
Thuis werd ik uit mijn
reismand gehaald terwijl Baasje naar bed ging.
Natuurlijk ging ik ook even
uitrusten al was het maar om Baasje gezelschap te houden.
Daar zijn wij katten heel
goed in.
Oeps daar hoor ik Baasje al,
wat gaat de tijd snel.
Ik miauwde of de dialyse goed
was gegaan en of mijn drinkbakje gevuld kon worden.
Baasje keek me aan, zoveel
gemiauw had ie nog niet gehoord.
Hij vroeg wat ik allemaal had
gedroomd ondertussen mijn drinkbakje met kattenmelk vullend.
Ik had bijna geen tijd om
mijn melk te drinken, zo veel had ik hem te vertellen.
Helaas heeft Baasje nog
steeds onze taal niet geleerd, hij verstaat mij soms wel gelukkig.
Maar dat
terugpraten.......nee dat lijkt nergens op